IMMORTELLE LXXXIII

 

Hem die mij grof beleedigt,
  Mij overlaadt met schand
En openlijk mij belastert,
  Hem reik ik de broederhand.

Maar die mij voorkomend bejegent,
  Die mij aan zich verplicht
En zich mijn vriend durft te noemen,
  Dien spuw ik in 't gezicht.

 
Terug naar het overzicht